dinsdag 9 december 2014

Geslachtsregister Somer



Willem Somer * 08-07-1736 te Coevorden, overleden 07-0-11-1807 te Zwolle.

Beroep: Postmeester

Huwelijk op 02-11-1769 te Zwolle met Berendina van der Veen *22-11-1745

Zoon:


Hendrik Somer * 17-06-1779 te Zwolle, overleden 08-04-1858 te Assen

Beroep: Herbergier, Kastelein, Logementhouder

Huwelijk met Jantien Zwarts * 1784, overleden 26-03-1812 te Assen

Zoon:


Willem Somer * 12-03-1809, overleden 24-08-1877

Beroep: Gemeenteontvanger

Huwelijk op 23-08-1835 met Geertruid Roelofs *31-08-1816 te Assen, overleden 27-05-1853 te Assen

Zoon:


ALBERTUS ROELOF SOMER *09-10-1848 te Assen, overleden 24-06-1911 Stadskanaal [O]
Beroep: Houthandelaar Oprichter in 1875 van de Fa. Landweer & Somer
Huwelijk op 27-05-1878 te Assen met Henderika Spier *1852 Onstwedde, overleden 27-02-1911 Onstwedde

Zoon:


Herman Albertus Somer * 15-04-1880 te Onstwedde, overleden 17-08-1946

Bouwer en bewoner van Villa Somer Drouwenerstraat 5 Stadskanaal

Beroep: Houthandelaar

Huwelijk in 1906 met Geeske Hermina van der Sluis * 26-08-1880 te Opsterland, overleden 29-11-1967 te Coevorden.

Zoon:


Albertus Roelof Somer * 24-01-1907 te Stadskanaal [O], overleden 19-01-1937 in Mt. Eveque Frankrijk bij een vliegtuigongeluk.

Huwelijk met Johanna Hendrika Hardijzer * 14-05-1905 te Boskoop, overleden 25-10-1981 te Weststellingwerf.

Dochter: Geeske Somer 




Zuster  van Albertus Roelof:

Klazina Henderika Somer * 16-09-1908 te Onstwedde overleden 20-11-1994

Lerares en directrice van een meisjesvakschool

Huwelijk met Dirk Frederik de Koe * 14-07-1905, overleden 28-04-1997 in Den Haag


Zoon: Pier de Koe *11-05-1932 Batavia, overleden 23-02-1983 te Amsterdam, woonde en werkte met partner Hubert in een Café Restaurant in Amsterdam

Klazina is vóór 1937 gescheiden [Hr. de Koe, trouwde in Batavia met een andere vrouw] en is opnieuw getrouwd met Age Theodoor Haagsma * 20-07-1893 te Utrecht, overleden 29-05-1952 te Utrecht.




Informatie over het vliegtuigongeluk:

19.01.1937  PH-MAG   WACO UIC                    3790      Mont-l'Evèque(F)
Het toestel was al 2½ maand in Frankrijk, het was na de motorschade van 10.11.1936 weer
gerepareerd en zou door vier NLS-mensen terug naar Nederland gevlogen worden.
De oorzaak van het ongeval is niet vastgesteld. Het wekt de indruk dat de bestuurder in

een donkere cumuluswolk vliegend eerst zijn oriëntatie en daarna de macht over het vliegtuig
verloren heeft.
Ooggetuigen verklaarden “In een donkere wolk werd een vliegtuig gehoord, waarvan het
motorgeluid plotseling sterker werd. Na enige ogenblikken verscheen het vliegtuig, met

de neus vrij steil naar beneden gericht, aan de onderzijde van de wolk.
Het vliegtuig werd daarna opgetrokken op een hoogte van ca. 150 meter. Op dat ogenblik
hebben wij gezien dat kleine onderdelen van het vliegtuig loslieten.

Vlak daarop brak de linkervleugel af daarna de rest van het vliegtuig tegen een
dijkrand te pletter sloeg”.
Het vliegtuig werd totaal vernield, de vier inzittenden werden gedood.
Bestuurder: A.R. Somer(
)
Bestuurder: J.B.A. Tissot(
)
Gwk:        A. Hoeven(
)
Gwk:        J. Maltha(
)

Terug naar de opsomming "Ernstige ongevallen"

De hierboven genoemde bestuurders zaten op de voorste zitplaatsen maar wie van de twee
de feitelijk bestuurder was kon niet nagegaan worden.

Het vliegtuig kon vanaf beide posities bestuurd worden.
De beide andere slachtoffers, A. Hoeven en J. Maltha, waren werktuigkundigen van de NLS.
 
  De laatste pagina's van het Franse Proces-verbal de l'Enquete. (Coll. H. Dekker)
  Gevolgd door een brief van de RSL aan de Luchtvaartdienst over de proefvluchten en de -invloed van- de
  positie van het zwaartepunt.


   
       Duidelijk is wel dat er van het toestel niets bruikbaars meer over was.    
   
     
Bericht in Het Nieuws van den Dag 21.1.1937.
    





Geen opmerkingen:

Een reactie posten